Nu de berichtgeving rondom Klaas Bruinsma weer wat afzwakt is het tijd voor een andere criminele mythe: Willem Holleeder. In de scriptie ‘Holleeder; mietje of mythe’  analyseert afstudeerstudent journalistiek Nikki Sterkenburg de beruchte (of befaamde) crimineel en de wijze waarop hij door de media geportretteerd is. Hoewel hij niet gezien wordt als de grootste crimineel, behoort hij wel tot de bekendste criminelen van Nederland. Beelden over Holleeder op zijn Vespa in Amsterdam en de beroemde foto met de geliquideerde Willem Endstra behoren inmiddels tot het crimineel historische gedachtegoed. Ook de processen waarin Holleeder terecht heeft gestaan zijn bij vele Nederlanders bekend en uitgebreid beschreven in de media. Van de rechtbank kreeg Holleeder zelfs 1 jaar strafvermindering, vanwege deze publiciteit. Sterkenburg onderzoekt of inderdaad gesproken kan worden van trial by media in de zaak Holleeder, ook wel bekend als de Kolbakzaak.

Holleeder in de rechtbank, 2007, gevonden op Volkskrant.nlEen van de bekendste voorbeelden van het fenomeen trial by media is de zaak van OJ Simpson. Zijn proces, waarbij hij terecht stond voor de moord op zijn ex-vrouw en haar minnaar, werd door miljoenen mensen wereldwijd gevolgd en beheerste wekenlang de krantenkoppen. Voor de publieke opinie was het afwachten van de uitspraak niet meer nodig, de media had zijn eigen onderzoek al gedaan. Bekende Nederlandse voorbeelden zijn uiteraard Joran van der Sloot en Robert M.

“Trial by media is de term die gebruikt wordt voor een zaak of persoon die door veelvuldige en soms suggestieve media-aandacht terechtstaat voor het publiek, in plaats van voor de rechtbank.”

De kritiek op deze gang van zaken is dat de media niet gericht is op waarheidsvinding, maar op jacht is naar ‘nieuwtjes’ en sensationele krantenkoppen met het riscio van tunnelvisie. Sterkenburg laat zien dat deze beschuldigingen door advocaten in het Holleeder-proces geuit werden richting journalisten, die op hun beurt de advocaten beschuldigen van het gebruiken van de media voor hun eigen doeleinden. Academici uiten op hun beurt weer kritiek op beide partijen en vinden dat de rechtsgang enkel in de rechtbank plaats hoort te vinden. Met name het lekken van persoonsinformatie door zowel justitie als advocaten vinden zij een kwalijke zaak. Het grote gevaar is dat rechters beïnvloed worden door de media en zich niet enkel meer laten leiden tot wat besproken wordt ter zitting.

Het is jammer dat in de scriptie maar beperkt tegengeluid wordt gegeven op deze kritiek. Zo is het risico van tunnelvisie net zo goed aanwezig aan de kant van justitie en politie, met de Schiedammer parkmoord als dieptepunt. Doordat meerdere journalistieke partijen deelnemen aan de publieke beeldvorming is de kans op tegengeluiden en andere scenario’s waarschijnlijk groter dan in de besloten kamers van het OM. Daarnaast kan waarheidsvinding door, onder andere, journalisten bijdragen aan het rechtzetten van justitiële missers, zoals de Deventer moordzaak, de Puttense moordzaak en de zaak van Lucia de Berk. Journalisten gaan soms verder, wanneer justitie en politie de zaak afsluiten en overgaan tot de orde van de dag. Hoewel de media inderdaad vaak sensatiebelust is, kunnen de boeken van o.a. Husken, Vugts, Middelburg, Korterink en Lensink moeilijk in deze categorie geplaatst worden. Zij  proberen vaak om zowel de kant van de criminele hoofdrolspelers als die van justitie voldoende te belichten, waarmee ze vaak een objectiever beeld schetsen dan de advocaten en de aanklagers zelf. Enige nuance is dus op zijn plaats.

Endstra en Holleeder, gevonden op Parool.nlTerug naar Holleeder in wiens proces advocaat Bram Moscowitcz zelfverklaard slachtoffer werd van trial by media nadat Jort Kelder hem van de rechter ongestraft ‘maffiamaatje’ mocht noemen. Moscowicz trad vervolgens terug als advocaat, omdat hij zijn client hierdoor niet meer naar behoren kon verdedigen. En Holleeder zelf, is die inderdaad slachtoffer geworden van sensatiebeluste media? Vaststaat dat Holleeder al sinds de Heinekenontvoering een bekende crimineel is die sterk tot de verbeelding spreekt. Sterkenburg verklaart zijn populariteit aan archetypische kenmerken, zoals dat hij je buurman kan zijn en gezien kan worden als zakenman. De vraag is of dit echt de eerste beelden zijn die de gemiddelde Nederlander bij Holleeder heeft. Met zijn lange en brede verschijning lijkt hij geen onopvallende boy-next-door en hij heeft eerder het imago van een gewelddadige afperser dan van een berekende zakenman. Deze laatste rol past beter bij Willem Endstra.

De belangrijkste vraag in de scriptie is echter of hij een mythe of een mietje is. Hoewel hij in de media inderdaad vaak mythische proporties krijgt aangemeten, laat Sterkenburg ook zien dat hij door misdaadjournalisten juist eerder als een loopjongen wordt gezien en helemaal niet als een ‘godfather’. Zowel mythe als mietje dus. Ze concludeert dat de drie onderzochte media, Het Parool, Vrij Nederland, en de Telegraaf zich alledrie schuldig hebben gemaakt aan trial by media, hoewel de betrokken journalisten gedurende het proces genuanceerder zijn geworden en meerdere standpunten hebben belicht.

Gelukkig hoeft de burger zijn mening niet alleen te baseren op krantenkoppen, maar zijn er tegenwoordig tal van sites en boeken die het beeld achter de krantenkoppen schetsen.  Hierdoor krijgt het publiek toch nog een, hoewel in verschillende mate, onafhankelijk en overzichtelijk beeld van de grote misdaadprocessen. En dat is iets wat justitie, advocatuur en rechtbank nog niet gelukt is.

Lees hier de scriptie ‘Holleeder “mietje” of mythe’ Trial by media en mythe-vorming in het Kolbak-proces,  van Nikki Sterkenburg.